#22 “Knap voor een dik meisje”

Tatjana Almuli schreef een boek over dik zijn in een maatschappij waarin dun zijn de norm is.

Welkom bij het eerste artikel van Buitengewoon! Voor deze inclusieve serie interview ik (buiten)gewone vrouwen met bijzondere verhalen, krachtige boodschappen of ongekende kwaliteiten. Ken jij iemand die in dit plaatje past, misschien wel je buurvrouw, je zus of jijzelf? Stuur een berichtje naar iris.g.bouwmeester@gmail.com en dan spreken we elkaar snel!

Deze maand belde ik met Tatjana Almuli (27), freelance fotograaf en tekstschrijver, over haar boek ‘Knap voor een dik meisje’ dat in de winkels is verschenen op 9 april. Ook spraken we over de weg naar zelfacceptatie, haar deelname aan afvalprogramma Obese en jezelf kunnen zijn in een maatschappij die je continu een ideaalbeeld voorschoteld.

Hi Tatjana, gefeliciteerd met je debuut als auteur! Waar heb je het zoal over in je boek?
Het hoofdthema is hoe het is om dik te zijn in een maatschappij waarin dun zijn de norm is. Alles onderwerpen die je bij dat thema kunt verzinnen komen aan bod, zoals zelfbeeld en fatshaming, maar ook liefde en vriendschap. Mijn persoonlijke ervaringen staan centraal, maar ik heb ook vijftien andere vrouwen geïnterviewd over hun ervaringen.

Wat inspireerde je om dit boek te schrijven?
Ik merk heel sterk dat er in onze samenleving weinig dikke mensen vertellen over hun ervaringen, over hoe je gewicht je leven kan beïnvloeden. Praten over dik zijn is taboe. Er zit natuurlijk ook veel schaamte omheen, ik heb dat zelf ook lang gehad. maar op een gegeven moment dacht ik ‘Fuck it. Het is gewoon wat het is en we hoeven niet altijd maar te zwijgen.’ Dit is het eerste Nederlandse boek over dit thema, maar veel vrouwen herkennen zich in mijn ervaringen. Deze verhalen moeten dus gewoon naar buiten gebracht worden. En dan ben ik maar degene die dat moet doen, ook al vind ik het nog steeds moeilijk om alles zo eerlijk en openhartig te vertellen. Ik zou het zelf fijn hebben gevonden als er een boek als dit bestond toen ik jong was.

Wat voor invloed heeft het op jou gehad altijd zo’n ideaalbeeld voorgeschoteld te krijgen in de media?

Ik was sowieso al onzeker, maar dat werd gevoed door wat ik in de media zag. De modellen zien er allemaal hetzelfde uit, dun en wit, en iedere zomer word je er weer aan herinnerd dat we aan de slag moeten voor een bikini body. Ik doorzie nu veel beter hoe dat allemaal in elkaar steekt. Er zijn zóveel verschillende soorten lichamen en in de media krijg je altijd weer hetzelfde plaatje voorgeschoteld. Totaal onrealistisch. Ik let daar nu veel kritischer op en merk dat ik er minder vatbaar voor wordt.

Op social media zie je wel steeds vaker #bodypositivity voorbij komen. Hoe kijk jij naar deze beweging?
De kerngedachte is super goed, want zelfacceptatie en een positief zelfbeeld zijn heel belangrijk. Maar het is in mijn ogen ook wel onrealistisch. Of je nou dik of dun bent, je kunt gewoon niet altijd, iedere dag, helemaal blij zijn met jezelf. Ik geloof daar gewoon niet in. Vooral in een maatschappij die zo erg op perfectionisme is gericht. Dan is het heel lastig om heel dicht bij jezelf te blijven en in je zelfacceptatie te zitten. En we mogen er best eerlijk over zijn dat dat soms moeilijk is.

Ook vind ik dat de body positivity-beweging altijd maar tot een bepaald punt gaat. Er zijn dan wel plus size-modellen met een grotere maat dan een gemiddeld model, maar hun verhoudingen passen wel binnen het huidige schoonheidsideaal. Ze passen nog steeds binnen een bepaald plaatje. Je ziet nog steeds geen modellen met dikke buik of onderkin. Er wordt een vertekend beeld gegeven van hoe een vrouw eruit zou moeten zien, terwijl er zoveel verschillende body types bestaan. En het is belangrijk dat die meer gerepresenteerd worden. Het zal waarschijnlijk nog lang duren voordat we daar komen, maar gelukkig doen sommige tijdschriften wel hun best.


Vind je het zelf belangrijk een boodschap uit te dragen via social media?
Ik was er nooit echt mee bezig, maar ik merk wel dat ik meer volgers krijg. Dat begon toen ik meedeed aan Obese, en groeide verder toen ik voor Women’s health begon te schrijven en aan mijn boek begon. Ik krijg super veel berichten van vrouwen en meisjes die het fijn vinden wat ik aan het doen ben, dat ik me uitspreek over dik zijn en mentale gezondheid, en dat ik zo’n boek schrijf. Ze herkennen zich in mijn verhalen. Maar ik ben niet continu bezig om een boodschap uit te dragen, dat voelt niet authentiek of oprecht voor mij. Ik schrijf er misschien een paar keer per week over, maar verder staat m’n Instagram gewoon vol met selfies.

Je noemde net je deelname aan Obese, kun je daar wat meer over vertellen?
Ik deed mee in 2014 en 2015 en heb die periode als heel dubbel ervaren. Ik ging er best naïef in, omdat ik dat hardnekkige ideaalbeeld in mijn achterhoofd had. Zo van ‘Ik moet afvallen, want dan ga ik gelukkiger worden en dan gaat pas écht mijn leven beginnen.’ Ik dacht dat het programma mijn ‘redding’ zou zijn. Nou, zo werkte dat dus echt niet.

Ik heb er heel veel aan gehad, maar het heeft ook heel wat losgemaakt in mij. Aan de ene kant hebben mijn personal trainers mij geholpen mijn zelfvertrouwen op te bouwen. Door hen heb ik ook mijn liefde voor sporten ontdekt, en leerde ik dat ik mentaal sterker ben dan ik dacht. Maar aan de andere kant is mijn stofwisseling heel slecht geworden, omdat ik in korte periode gewoon te veel ben afgevallen. Niet alleen door het programma zelf, maar ook omdat ik er zelf heel erg in was doorgeslagen. Dat is niet de schuld van Obese, maar het heeft dat wel in mij aangewakkerd. Daar kwam bij dat ik halverwege het programma opeens niet meer afviel. Niemand snapte waarom en ik werd helemaal gek, want ik deed juist zo erg mijn best. Achteraf bleek dat dat komt door een defect in mijn genen, genaamd MC4-receptor-defect. Dit heeft een grote invloed op mijn hongergevoel, verzadigingsgevoel en stofwisseling. Zelfs wanneer ik gewoon goed eet, krijg ik snel weer honger. En als ik daar dan niet naar luister word ik er zelfs duizelig van. Mijn DNA werkt me dus tegen, maar dat wist ik in die tijd nog niet. Ik raakte geobsedeerd met afvallen en begon veel te weinig te eten.

Uiteindelijk ben ik in therapie gegaan en dat heeft heel erg geholpen. Ik liet mezelf eindelijk toe even stil te staan en te kijken naar wat ik had bereikt. Dat kon ik daarvoor niet omdat ik altijd zo druk bezig was met mezelf veranderen. Nu begon ik mezelf meer te accepteren. Ik ben minder obsessief gaan sporten en begon weer normaal te eten. Ik ben toen veel kilo’s aangekomen, omdat mijn stofwisseling zo was verpest, maar voel me mentaal nu sterker dan ooit. Ik voel me fitter, ben uit mijn obsessie en zit veel beter in mijn vel. Ik sport vier ochtenden per week, maar gewoon omdat ik het heerlijk vind om te doen. Als ik sport ben ik me helderder, voel ik me beter over mezelf en begin ik m’n dag gewoon goed.

Welk advies zou je aan je vroegere zelf willen geven, met het oog op alles dat je in de afgelopen tien jaar hebt geleerd?
Dat je de tijd mag nemen om stil te staan en dingen te ontdekken. Sinds mijn tienertijd had ik altijd het gevoel dat ik moest veranderen. Ik moest beter worden, een goed gelukt mens worden, en voor mij was dit heel erg gelinkt aan dunner worden. Nu vind ik het veel belangrijker dat ik lekker in mijn vel zit. Je bent goed genoeg zoals je bent, het gewicht is niet het belangrijkste. Het gaat er helemaal niet om dat je in een bepaalde kledingmaat past. Dat had me erg geholpen als ik dat toen had geweten.

CONTACT